Ga direct naar de hoofdinhoud
ONTWERPEN, MAKEN EN ONTSTAAN
Misschien wordt architectuur pas werkelijk begrijpelijk wanneer onderscheid wordt gemaakt tussen drie werkelijkheden waarin zij zich voltrekt.
Ontwerpen behoort tot de werkelijkheid van de intentie.
Hier ontstaat de mogelijkheid.
Maken behoort tot de werkelijkheid van de materie.
Hier krijgt de mogelijkheid gestalte.
Ontstaan behoort tot de werkelijkheid van de tijd.
Hier openbaart zich architectuur.
Een gebouw kan worden ontworpen.
Een gebouw kan worden gemaakt.
Architectuur kan slechts ontstaan.
In dat opzicht is architectuur verwant aan poëzie.
Beide kunnen worden voorbereid.
Beide kunnen een materiële vorm krijgen.
Maar geen van beide laat zich maken.
Hun wezen openbaart zich in de ontmoeting tussen mens en werk.
De eigen aard van architectuur ligt niet in het vermogen gebouwen te ontwerpen.
Zij ligt in het onderscheidingsvermogen te herkennen waar de maakbaarheid eindigt en het ontstaan begint.
Ontwerpen bereidt voor.
Maken verwezenlijkt.
Ontstaan openbaart.
Noot
Wanneer architectuur zich pas openbaart in de ontmoeting tussen mens en gebouw, krijgt ook de ervaring van degene die haar ontmoet een bijzondere betekenis.
Dat betekent niet dat iedere waardering vanzelf juist is.
Wel dat geen enkel architectuurdiscours de persoonlijke ontmoeting tussen mens en architectuur kan vervangen.
Wie zich door een gebouw geraakt voelt, of juist vervreemding ervaart, hoeft die ervaring niet onmiddellijk terzijde te schuiven omdat anderen anders oordelen.
Juist die ontmoeting vormt de werkelijkheid waarin architectuur zich openbaart.
Misschien ligt daarin niet alleen een verantwoordelijkheid voor degene die ontwerpt, maar ook een uitnodiging aan ieder mens om zijn eigen ontmoeting met architectuur serieus te nemen.